Antons economie pagina

Een andere kijk op onze economie

Het fabeltje dat de banken zich bezig zouden houden met het aantrekken en weer uitlenen van geld is wijd verbreid. Zo valt op Wikipedia te lezen “Personen en bedrijven kunnen tegen een vergoeding (rente) geld bij een bank inleggen en dit geld kan vervolgens tegen een hogere rente weer worden uitgeleend”. Mainstream economen hebben op basis van dit vermeende principe het concept van de loanable funds market uitgewerkt, een denkbeeldige geldmarkt van spaarders en leners.

Het probleem met deze beelden van banken als passieve geldschuivers in een markt van spaarders en leners, beelden die worden geloofd door de overgrote meerderheid van de mainstream economen, prominenten als Nobelprijs winnaar Paul Krugman incluis, is dat ze niet in overeenstemming zijn met de per saldo toch tamelijk simpele realiteit. 

De enige spelers van belang die zich openlijk, zij het voorzichtig, uitspreken tegen dit beeld, zijn sommige centrale banken.  Zo schreef de Bank of England in haar Quarterly Bulletin 2014 Q1The reality of how money is created today differs from the description found in some economic textbooks: rather than banks receiving deposits when households save and then lending them out, bank lending creates deposits.” (vet toegevoegd). 

Het enige dat m.i. niet klopt in deze stelling is dat het zou gaan om “some economic textbooks”. Vervang dat maar rustig door “most economic textbooks”. In dit artikel ga ik kort in op hoe het dan wel zit.


Soorten geld

Er bestaan drie soorten geld in ons economische systeem (euro's even als voorbeeld genomen):

  • euro’s in de vorm van chartaal geld (munten en bankbiljetten)
  • euro’s in de vorm van banksaldo (bankgeld)
  • euro’s in de vorm van centrale bank saldo (reserves)

De eerste soort, die kent iedereen wel. En de tweede soort, het geld op onze bankrekeningen, daar is ook iedereen wel mee bekend. Maar dat is niet het geval als het gaat om reserves.

Wat zijn reserves? Eigenlijk zijn reserves precies hetzelfde als bankgeld. Het verschil is dat bankgeld alleen bestaan in de computers van de banken, waarin de banken ons banksaldo bijhouden, terwijl reserves alleen bestaan in de computer van de centrale bank, waarin deze het reserve saldo van de banken en van de overheid bijhoudt.

Reserves worden op dezelfde wijze gecreëerd als bankgeld. Als jij geld leent van de bank, voor een hypotheek bijvoorbeeld, dan onderteken jij een leenverklaring die de bank vervolgens opbergt in haar kluis. En in ruil daarvoor verhoogt iemand bij de bank met wat toetsaanslagen jouw banksaldo in de computer van de bank. Vervolgens kun jij met dat banksaldo je nieuwe huis betalen, waarna dat banksaldo in de economie kan gaan “circuleren”.

Precies zo gaat het bij de centrale bank. Een bank kan bij de centrale bank reserves lenen, net als jij bij een bank geld kunt lenen. Maar in plaats van een leenverklaring vraagt de centrale bank dan bezittingen van die bank (leenverklaringen van haar klanten) als onderpand. Daar komt nog bij dat de banken bij de centrale bank reserves kunnen kopen, in ruil voor leenverklaringen, vooral staatsleningen. De banken en de overheid gebruiken die reserves vervolgens om elkaar te betalen.


Reserves nader bekeken

Nu zou je kunnen vragen, waarom gebruiken de banken reserves om elkaar te betalen, waarom doen ze dat niet gewoon met bankgeld, dat is toch veel makkelijker?

Het antwoord op die vraag zit hem in de aard van het bankgeld. Bankgeld is eigenlijk geen echt geld, maar een claim op geld. Het saldo op jouw bankrekening is niets anders dan de omvang van de schuld die jouw bank aan jou heeft, een verplichting van de bank aan jou. Er ligt niet ergens een stapeltje bankbiljetten of munten in een kluisje met jouw naam erop.

Als jij dat wilt, dan moet die bank je banksaldo aan jou uitbetalen in klinkende munt, of beter gezegd, in chartaal geld. In de regel gebeurt dat via de geldautomaat. Maar die bank mag de bankbiljetten die daar uit komen rollen niet zelf maken, dat voorrecht is voorbehouden aan de centrale bank. Ze moet voor die bankbiljetten dus aankloppen bij de centrale bank. Maar de centrale bank geeft ze niet zomaar mee, die moet de bank van haar kopen, in ruil voor reserves.

Je kunt je banksaldo natuurlijk ook gebruiken om een betaling te doen. Wat er dan gebeurt, is dat jouw saldo, jouw claim op jouw bank, wordt overgedragen naar iemand anders. Als die ander bij dezelfde bank zit, dan gaat dat heel simpel: je bank verlaagt met wat toetsaanslagen in de computer jouw banksaldo, en verhoogt vervolgens het banksaldo van die ander met hetzelfde bedrag.

Maar die vlieger gaat niet op als die iemand anders bij een andere bank zit. Die andere bank gaat niet zomaar een verplichting van jouw bank overnemen. Ze wil daar dan wel voor gecompenseerd worden. 

In principe zou dat kunnen met bankrekeningen die de banken bij elkaar aanhouden. Stel je voor dat persoon X bij bank A 100 euro overboekt naar een rekening van persoon Y bij bank B. Bank A ziet dan het totaal van zijn verplichtingen met 100 euro afnemen, terwijl bank B juist het totaal van zijn verplichtingen met 100 euro ziet toenemen. Als bank A en bank B een rekening bij elkaar zouden aanhouden, dan zou bank A het saldo van bank B tegelijkertijd met 100 euro kunnen verhogen, en zodoende die overmaking van 100 euro van persoon X naar persoon Y kunnen vereffenen.

Hoewel deze oplossing prima zou kunnen werken, is het niet wat er in werkelijkheid gebeurt. In werkelijkheid maakt bank A 100 euro’s aan reserves over naar bank B. De banken gebruiken dus het reservesaldo op hun rekeningen bij de centrale bank om hun verplichtingen aan elkaar te voldoen, en niet rekeningen die ze bij elkaar aanhouden. En daar hebben ze heel goede redenen voor, zo heeft de geschiedenis geleerd!

Stel je voor dat het slecht zou gaan met bank A, en dat haar rekeninghouders massaal zouden overstappen naar bank B. Als er geen centrale bank zou zijn en de banken in plaats daarvan rekeningen bij elkaar zouden gebruiken, dan zou dat betekenen dat het saldo op de rekening van bank B bij bank A snel zou oplopen. Als bank A dan zou omvallen, dan zou bank B kunnen fluiten naar dat geld. En het zou heel goed mogelijk zijn dat bank B daardoor vervolgens ook zou omvallen. Dat is in een notendop de reden dat er tegenwoordig centrale banken en bankreserves bestaan.

Overigens, om het verhaal compleet te maken. Met reserves kun je nog geen brood kopen. Ze bestaan alleen in de computer van de centrale bank en kunnen alleen als worden gebruikt voor betalingen tussen haar rekeninghouders, de banken en de overheid. Burgers en gewone (niet-financiele) bedrijven kunnen geen rekening openen bij een centrale bank.

NB. een stukje terug plaatste ik de term circuleren tussen aanhalingstekens. Dat deed ik omdat bankgeld en reserves  geen "dingen" zijn die in letterlijke zin in de economie kunnen circuleren, zoals chartaal geld dat kan. Als er bankgeld of reserves worden overgemaakt, dan verhuist er niet letterlijk iets. Wat er gebeurt is dat met wat toetsaanslagen het saldo op de ene rekening wordt verlaagt en het saldo op een andere rekening wordt verhoogt.


Banken zijn geen passieve geldschuivers…

Terug naar het fabeltje van de bank als passieve geldschuiver. Als gezegd is het geld op je rekening, het saldo op je bankafschrift, geen echt geld, maar slechts de aanduiding van de omvang van de verplichting die de bank aan jou heeft, op jouw aanwijzing door haar uit te betalen in chartaal geld, of over te hevelen naar de bankrekening van een ander.

Stel je nu voor dat jij je banksaldo zelf wilt uitlenen aan een ander. Dat kun je simpelweg doen door dat saldo naar die ander over te maken, al dan niet in ruil voor een contractje waarin netjes de leenvoorwaarden zijn omschreven. Net als bij een betaling daalt jouw banksaldo dan met het uitgeleende bedrag, terwijl het banksaldo van die ander stijgt met dat bedrag.

Maar die vlieger gaat niet op als jouw bank jouw banksaldo zou uitlenen aan een ander. Je zou vreemd staan te kijken als jouw banksaldo ineens van je rekening zou verdwijnen! Waarschijnlijk zou je direct naar de rechter stappen, om vervolgens door de rechter in het gelijk te worden gesteld. 

Maar de bank heeft jouw banksaldo ook helemaal niet nodig om geld uit te kunnen lenen. Want de bank kan immers met een paar toetsaanslagen zelf banksaldo creëren. En dat is dan ook de wijze waarop ze geld uitleent, ze heeft daar helemaal geen bestaand banksaldo voor nodig.

 

… maar waarom trekken de banken dan zo graag spaargeld aan?

Het saldo op je spaarrekening is niets anders dan een verplichting voor jouw bank. Maar waarom vechten de banken dan om jouw spaargeld? Waarom proberen ze dan spaarders bij elkaar weg te lokken? De reden dat ze dat doen is de compensatie die ze dan krijgen, in de vorm van reserves. Want immers, als jij je spaargeld overmaakt naar een andere bank, dan moet jouw bank die andere bank compenseren met reserves.

Het gaat de banken dus niet om het spaargeld, maar om de reserves. Maar waarom willen ze zo graag reserves hebben? Dat zit zo. Het overgrote deel van het bezit van de banken, de leenverklaringen van hun klanten, is illiquide. Dat wil zeggen dat een bank dat bezit maar moeilijk voor een redelijke prijs kan verkopen. Bovendien wordt dat bezit door de centrale bank normaliter maar in beperkte mate  geaccepteerd als onderpand voor het uitlenen van reserves.

Het gevolg is dat een bank (de huidige easy money politiek van veel centrale banken even daargelaten), niet altijd even gemakkelijk aan de reserves kan komen die ze nodig heeft om nieuwe leningen te kunnen verstrekken en zodoende te kunnen groeien. Want een deel van het nieuw gecreërde banksaldo zal die bank vervolgens gaan verlaten, en als dat gebeurt, dan heeft ze reserves nodig om de banken te kunnen compenseren waar dat banksaldo naartoe verhuist. 

Samenvattend: de banken zijn helemaal niet in jouw spaargeld geinteresseerd. Het is ze om de reserves te doen!

 

… en waarom zwijgen de banken eigenlijk?

Je zou kunnen denken dat de banken, deskundigen bij uitstek, de eersten zijn om even aan te bel te trekken en te melden dat die mainstream economen zich vergissen, dat ze helemaal geen passieve geldschuivers zijn, maar juist actieve geldscheppers. Maar dat doen ze niet. 

Waarom niet?

Het antwoord op die vraag is dat de banken er geen baat bij hebben om de buitenwereld wijzer te maken dan nodig is. Ze koesteren zich in de hun door de mainstream economen toegekende rol van passieve geldschuivers, die braaf spaargeld van hun klanten uitlenen omdat dat nu eenmaal van ze verwacht wordt. En ze laten, tot nu toe met heel veel succes, een enorme hoeveelheid lobbywerk verrichten om te voorkomen dat dit beeld schade oploopt. 

Dat is althans het plaatje dat naar voren komt uit het boek The bankers’ new clothes van twee niet-mainstream economen, Anat Admati, professor aan de Stanford Business School en Martin Hellwig, directeur van het Duitse Max Planck Instituut en professor aan de universiteit van Bonn.

Admati en Hellwig constateren in hun boek dat de banken er alles aan doen om een aantal mythes in stand te houden, waaronder dat van de rol van banken als passieve geldschuivers. En dat doen ze om maar te voorkomen dat ze gedwongen worden om hun eigen vermogen, het waardeverschil tussen hun bezittingen en hun verplichtingen, hun buffer voor slechte tijden, in bankiersjargon kapitaal genoemd, op te moeten hogen. 

Dat ze hun eigen vermogen niet willen ophogen komt doordat dit maar op twee manieren kan: door winst vast te houden (d.w.z. niet als dividend en bonussen uit te keren) of door extra aandelen uit te geven. Beide opties worden niet gewaardeerd door de aandeelhouders van die banken en zijn daardoor niet goed voor de beurskoers en voor de bonussen van de bankiers.

 

… en waarom blijven die mainstream economen zo stug volhouden?

Nu zou je jezelf kunnen afvragen, als het zo simpel is, waarom komen die mainstream economen, de Paul Krugmans van deze wereld, dan niet tot bezinning? De feiten zijn immers moeilijk te ontkennen. Daarvoor worden in de regel twee redenen aangedragen.

De eerste reden is dat het helemaal niet in hun belang is om tot bezinning te komen. Om met de bekende Amerikaanse niet-mainstream econoom Dean Baker te spreken (met macro bedoelt hij de mainstream economen en hun werk, de Fed is de Amerikaanse centrale bank):

“I think the paralysis of macro works very well for people with money in general and the financial industry in particular. [..]. If you're asking where the money comes from, much comes from these sources. [..]. There is no shortage of rich people who quite openly contribute to universities and foundations. And of course the banks largely control the Fed and its research agenda. I don't see many mysteries here. If all the money flowing to support macro research were instead coming from union and union leaders, do you think it would look the same?”

Maar er is nog een tweede reden, en die is dat de mainstream economen, met genereuze financiering van banken en andere belanghebbenden, in de afgelopen decennia een pro-vrije markt theoretisch bouwwerk hebben geconstrueerd, dat pardoes ineen zou storten als ze de rol van de banken zouden veranderen van passieve geldschuivers in de actieve geldscheppers die ze feitelijk zijn. En met die ineenstorting zou menig opgeblazen economen-ego worden meegesleept.

Ondenkbaar dus, dat de mainstream en masse zal toegeven dat banken iets anders zouden kunnen zijn dan passieve geldschuivers, hoewel er door de crisis wel een enkeling is omgegaan. Ik ben daarom bang dat dat beeld nog vele jaren in stand zal blijven, met alle economische crises en ellende van dien. Er zijn nu eenmaal teveel financiële en egomane belangen gebaat bij het in stand houden van dat fabeltje, en de politiek slikt het ook nog eens als zoete koek.

NB. overigens beginnen figuren als Paul Krugman wel langzaam aan te draaien. Zo stelde Krugman in 2012 nog "banks are just one channel linking lenders to borrowers", terwijl hij meer recentelijk al zo ver ging om te stellen "banks are indeed more complicated creatures than the mechanical lenders of deposits we like to portray in Econ 101", zij het dat die stelling gepaard ging met de nodige mitsen en maren. 

© Anton van de Haar, september 2014



Copyright © 2016 Anton van de Haar. All Rights Reserved.